Skip to content

Conjugate veranderen

Every form of the Dutch verb veranderen — present, past and perfect — with the participle and auxiliary.

veranderen

regularauxiliary: hebbenparticiple: veranderd
 Presenttegenwoordige tijdSimple pastverleden tijdPerfectvoltooid tegenw. tijd
ikveranderveranderdeheb veranderd
jij / jeverandertveranderdehebt veranderd
hij / zij / hetverandertveranderdeheeft veranderd
wij / weveranderenveranderdenhebben veranderd
jullieveranderenveranderdenhebben veranderd
zij (mv)veranderenveranderdenhebben veranderd

Imperative (gebiedende wijs): verander!

About this verb

What is the past tense of "veranderen"?

The simple past of veranderen is "veranderde" (singular) and "veranderden" (plural). The past participle is "veranderd", used with the auxiliary hebben in the perfect tense.

Is "veranderen" a regular or irregular Dutch verb?

veranderen is a regular (weak) verb — it follows the standard stem + -te/-de and ge-…-t/d pattern.

Master every verb in context.

Practise Dutch verbs in real A2 writing and speaking tasks, AI-graded, alongside all five DUO exam sections.