Wat zorgtoeslag is
Zorgtoeslag is een bijdrage van de overheid voor de kosten van je Nederlandse zorgverzekering.
Deze toeslag is bedoeld om je zorgverzekering betaalbaar te houden. Je krijgt zorgtoeslag niet vanzelf. Je moet die zelf aanvragen via Mijn toeslagen. Daarna krijg je de toeslag ieder jaar vanzelf, zolang je aan de voorwaarden blijft voldoen.
De toeslag hangt af van je inkomen en van je situatie thuis. Heb je een toeslagpartner, dan kijkt Dienst Toeslagen naar jullie inkomen samen. Ook je vermogen telt mee. Met vermogen bedoelen ze bijvoorbeeld spaargeld. De premie die je aan je zorgverzekeraar betaalt, bepaalt niet hoeveel zorgtoeslag je krijgt.
Je kunt zorgtoeslag pas aanvragen als je een Nederlandse zorgverzekering hebt afgesloten. Ben je net 18 geworden, dan moet je een eigen zorgverzekering hebben. Volgens de Rijksoverheid gaat de zorgtoeslag dan in op de eerste dag van de maand na de maand waarin je 18 bent geworden.
Woon of werk je in Nederland, dan kan zorgtoeslag soms ook mogelijk zijn als je geen Nederlandse nationaliteit hebt. De Rijksoverheid zegt dat je dan een verblijfsvergunning nodig hebt. Op ind.nl lees je meer over verblijfsvergunningen. Voor je inburgering kijk je op inburgeren.nl naar jouw eigen situatie en termijnen.
Kort gezegd: eerst zorgverzekering, dan aanvraag.
Wie zorgtoeslag kan krijgen
Je kunt zorgtoeslag krijgen als je aan meerdere voorwaarden tegelijk voldoet.
De basisvoorwaarden zijn duidelijk. Jij en je eventuele toeslagpartner moeten 18 jaar of ouder zijn, je moet een Nederlandse zorgverzekering hebben, je inkomen mag niet te hoog zijn en je vermogen mag niet te hoog zijn. Voor 2026 geldt: zonder toeslagpartner mag je inkomen niet hoger zijn dan € 40.857 per jaar. Met toeslagpartner mag jullie inkomen samen niet hoger zijn dan € 51.142 per jaar.
Ook voor vermogen zijn er grenzen. Op 1 januari 2026 mag je niet meer vermogen hebben dan € 146.011. Heb je een toeslagpartner, dan mag jullie vermogen samen niet hoger zijn dan € 184.633. De Rijksoverheid noemt als voorbeeld van vermogen je spaargeld.
Niet iedereen valt onder precies dezelfde regels. Op de pagina met voorwaarden staat dat de regels anders zijn of dat je geen zorgtoeslag kunt krijgen als je militair bent, gedetineerd bent, gemoedsbezwaard bent of geen vast adres hebt. Woon, werk of studeer je in het buitenland, dan kan zorgtoeslag soms toch mogelijk zijn. Ook als je geen Nederlander bent, kunnen er situaties zijn waarin je zorgtoeslag kunt krijgen.
Er is nog iets dat vaak misgaat. Je kunt de toeslag pas aanvragen als je zorgverzekering is afgesloten. Heb je die nog niet, wacht dan eerst daarop. Pas daarna heeft aanvragen zin.
Twijfel je over je inkomen voor toeslagen, dan moet je kijken naar je toetsingsinkomen. Dat is voor toeslagen het inkomen waarmee Dienst Toeslagen rekent. Je kunt dit berekenen op de pagina over toetsingsinkomen.
Hoeveel zorgtoeslag je kunt krijgen
Hoeveel zorgtoeslag je kunt krijgen, hangt af van je toetsingsinkomen en van je toeslagpartner.
Voor toeslagen telt het toetsingsinkomen. Dat is ongeveer je bruto-inkomen over een heel jaar. Heb je een toeslagpartner, dan telt het toetsingsinkomen van jullie samen. De Belastingdienst gebruikt dus niet de premie van je zorgverzekeraar om het bedrag te bepalen.
Zonder toeslagpartner geldt in 2026: hoe hoger je inkomen, hoe lager je zorgtoeslag. Bij een toetsingsinkomen tot € 29.500 is dat € 129 per maand. Bij € 35.000 is dat € 69 per maand. Bij € 40.500 is dat € 6 per maand. Vanaf € 41.000 en meer krijg je geen zorgtoeslag.
Met toeslagpartner zijn de bedragen voor jullie samen hoger, maar ook daar daalt het bedrag als het inkomen stijgt. Bij een gezamenlijk toetsingsinkomen tot € 29.500 is de zorgtoeslag in 2026 € 246 per maand voor jullie samen. Bij € 40.000 is dat € 129 per maand. Bij € 51.000 is dat € 3 per maand. Vanaf € 51.500 en meer krijg je geen zorgtoeslag.
Voor 2025 zijn de bedragen anders. Zonder toeslagpartner krijg je bij een toetsingsinkomen tot € 28.000 € 131 per maand, en vanaf € 39.719 en meer geen zorgtoeslag. Met toeslagpartner krijg je bij een gezamenlijk inkomen tot € 28.000 € 250 per maand, en vanaf € 50.206 en meer geen zorgtoeslag.
De maandbedragen zijn afgerond. Wil je precies weten hoeveel jij krijgt, kijk dan op de officiële pagina over hoeveel zorgtoeslag. Dat is slimmer dan gokken, zeker als je inkomen niet elke maand gelijk is.
Weinig verschil in inkomen kan al verschil in toeslag geven.
Zo vraag je zorgtoeslag aan
Zorgtoeslag aanvragen doe je zelf in Mijn toeslagen, en daarvoor heb je DigiD nodig.
Begin met controleren of je aan de voorwaarden voldoet. Kijk pas daarna naar de aanvraag. Zorg ook dat je je jaarinkomen bij de hand hebt. Heb je een toeslagpartner, dan heb je ook het jaarinkomen van je partner nodig. Omdat Dienst Toeslagen rekent met toetsingsinkomen, is het slim om eerst een schatting te maken als je inkomen nog niet vaststaat.
Je hebt ook een Nederlandse zorgverzekering nodig vóór je begint. De Belastingdienst krijgt dat door van je zorgverzekeraar. Pas daarna kun je de aanvraag doen. Het helpt ook als je je Berichtenbox op MijnOverheid activeert. Dan krijg je een e-mail als er post is over je aanvraag.
Daarna log je in op Mijn toeslagen. Kies daar bij 'Zorgtoeslag' voor 'Aanvragen'. Beantwoord de vragen. Sommige gegevens zijn al ingevuld. Als alles klopt, verzend je de aanvraag. Je krijgt daarna een bevestiging. Meestal zie je meteen hoeveel toeslag je krijgt.
Wacht daarna op het bericht van Dienst Toeslagen. Meestal krijg je binnen 5 weken na je aanvraag een brief met de post en in je Berichtenbox.
Let ook op de aanvraagtermijn. Volgens de Rijksoverheid kun je zorgtoeslag nog aanvragen tot en met 1 september van het volgende jaar. Soms kan het nog later. Als je te lang wacht, kun je geld missen.
Je hoeft zorgtoeslag maar 1 keer aan te vragen.
Daarna loopt het automatisch door, maar alleen als je recht blijft houden. Daarom moet je later veranderingen snel doorgeven.
Wat je moet doorgeven als er iets verandert
Verandert je situatie, dan moet je dat zo snel mogelijk doorgeven aan Dienst Toeslagen.
Dat is nodig omdat je zorgtoeslag een voorschot is op basis van jouw situatie nu. Verandert je inkomen, vermogen of thuissituatie, dan kan je toeslag omhoog gaan, omlaag gaan of stoppen. De Rijksoverheid zegt dat je wijzigingen binnen 4 weken moet doorgeven aan de Dienst Toeslagen.
Welke veranderingen zijn belangrijk? Denk aan een hoger of lager inkomen, een verandering in het inkomen van je partner, samenwonen, trouwen of scheiden. Op de overzichtspagina over zorgtoeslag noemt de Belastingdienst ook andere situaties, zoals verhuizen, iemand die overlijdt, 18 jaar worden, de AOW-leeftijd bereiken of je zorgtoeslag stopzetten.
Vooral inkomen moet je goed blijven volgen. De Belastingdienst zegt dat je regelmatig moet checken of zij het goede verwachte inkomen van je hebben, bijvoorbeeld na een loonsverhoging. Ben je zzp'er, doe dat dan bij elke btw-aangifte. Geef meteen een betere schatting door in Mijn toeslagen als er iets verandert. Geef liever geen te laag inkomen door. Voor toeslagen geldt namelijk: hoe lager je inkomen, hoe hoger je toeslag.
Dat lijkt soms gunstig, maar het kan later problemen geven. Na afloop van het jaar volgt de definitieve berekening op basis van je echte inkomen. Heb je te veel gekregen, dan moet je terugbetalen.
Snel doorgeven helpt dus op twee manieren. Je voorkomt dat je te weinig krijgt. En je verkleint de kans dat je later geld moet terugbetalen.
Terugbetalen en hoe je dat voorkomt
Je moet zorgtoeslag terugbetalen als je te veel hebt gekregen.
Dat gebeurt vaak als je inkomen hoger blijkt dan de schatting die je eerder hebt doorgegeven, of als je situatie is veranderd en je dat niet op tijd hebt gemeld. Dienst Toeslagen geeft drie duidelijke tips om dit te voorkomen.
De eerste tip is: check of het goede inkomen bekend is. Controleer regelmatig je verwachte inkomen en pas het direct aan als het verandert. Dat geldt ook voor het inkomen van je partner. Het blijft lastig om goed te schatten, maar je moet het wel zelf doen. Wil je aan de veilige kant blijven, geef dan geen te laag inkomen door. Dan krijg je misschien eerst iets minder, maar na de definitieve berekening krijg je wat erbij als blijkt dat je recht had op meer.
De tweede tip is: geef wijzigingen snel door. Dan kan Dienst Toeslagen je toeslag op tijd aanpassen. Soms kunnen ze te veel ontvangen toeslag nog verrekenen met de toeslag die je al krijgt. Daardoor is de kans kleiner dat je later ineens een rekening krijgt.
De derde tip is: check steeds of je nog aan de voorwaarden voldoet. Dat is niet alleen voor de eerste aanvraag belangrijk. Ook later kan je situatie veranderen. Krijg je onterecht zorgtoeslag, dan moet je die terugbetalen. Dat bedrag kan flink oplopen.
Op de officiële pagina met tips om terugbetalen te voorkomen lees je deze adviezen stap voor stap terug.
Wat het KNM-examen hierover vraagt
Bij KNM krijg je vragen over hoe zorgtoeslag in het dagelijks leven werkt.
Denk aan situaties over een zorgverzekering, 18 jaar worden, inkomen, samenwonen of veranderingen die je moet doorgeven aan de overheid. Je moet dan weten dat zorgtoeslag een bijdrage is voor je zorgverzekering, dat je die zelf aanvraagt en dat je veranderingen op tijd moet melden om problemen te voorkomen.
Voor het oefenen met dit soort onderwerpen kun je het officiële materiaal van DUO gebruiken op inburgeren.nl/examen-doen/oefenen.jsp. Op inburgeren.nl/examen-doen/ zie je ook hoe de onderdelen van het inburgeringsexamen zijn geregeld.